Hoe moet ik een AGM en GEL accu opladen

Wanneer opladen?

Zorg er altijd voor dat u loodaccu's, AGM en GEL altijd direct na gebruik weer helemaal oplaad met een daarvoor geschikte acculader. Dus ook als de accu's maar gedeeltelijk ontladen zijn. Voorkom altijd dat de accu's te diep ontladen raken. Voor de meeste loodaccu's is ontladen tot een voltage minder dan 1,8 volt per cel slecht voor de levensduur van de accu.

Laadfactor

De laadfactor geeft het rendement van een accu aan. Bij een gemiddelde natte accu is het rendement ongeveer 80%. Er moet dan 1,2 x de ontladen Ah in de accu geladen worden om weer dezelfde capaciteit beschikbaar te krijgen. De laadfactor is dan dus 1,2. Hoe lager de laadfactor, of hoe hoger het rendement van de accu, hoe hoger de kwaliteit is. Kwalitatief goede accu’s hebben een lage laadfactor van 1,1 tot 1,15 .

Cyclus

Een accu gaat maar een bepaald aantal cycli mee, afhankelijk van het soort accu en de kwaliteit. Eén laad- en ontlaadcyclus is het ontladen van de accu tot 0% capaciteit en het hierna weer laden tot 100%. Het twee keer ontladen tot 50% en weer laden is ook één cyclus evenals het vier keer ontladen tot 75%.
Een startaccu gaat ongeveer 50-80 cycli mee. Dit lijkt weinig, maar valt in de praktijk enorm mee. Tijdens het starten is de stroom wel hoog, maar de tijdsduur erg kort. Er wordt maar 0,001 cyclus gemaakt en dit betekent dat u de motor 80.000 keer (!) kunt starten, voordat de accu versleten is.
Een goede kwaliteit semi-tractie accu gaat ongeveer 250-300 cycli mee. Als de accu maar tot 50% ontladen wordt, zijn er dus 600 cycli mogelijk. Als u bijvoorbeeld met een boot 25 weekenden gaat varen (50 dagen) plus 20 vakantiedagen, dan wordt de accu 70 cycli van 50% gebruikt. Dit is gelijk aan 35 volle cycli. In theorie gaat de accu dan 8 jaar mee. Bij een gel of AGM accu is dit dan ook niet ongebruikelijk.

Het laden van AGM en GEL (VRLA) accu’s 

Voor het laden van deze accu's zijn afhankelijk van het gebruik enkele verschillen. Hieronder onze uitleg.  

Laden 

U dient een lader met de IUoU karakteristiek te gebruiken.

Lood-zuur batterijen moeten worden opgeladen in drie fasen, waarvan er [1] constante stroom lading, [2] absorptie lading en [3] druppel lading.
De constante stroom lading is het grootste deel van de lading en neemt ongeveer de helft van de vereiste oplaadtijd in beslag;
De absorptie lading gaat verder met een lagere laadstroom en zorgt voor de verzadiging.
De druppellading compenseert het verlies dat wordt veroorzaakt door zelfontlading.

Tijdens de constante stroom lading, wordt de accu tot ongeveer 70 procent opgeladen in 5-8 uur; de overige 30 procent wordt geladen met de langzamere absorptie lading die nog 7-10 uur duurt. De absorptie lading is essentieel voor het behoud van de batterij en kan worden vergeleken met een beetje rust na een goede maaltijd.

Als voortdurend wordt ontladen, zal de accu uiteindelijk het vermogen verliezen om een volledige lading te accepteren en de prestatie van de accu zal dan afnemen als gevolg van sulfatering.

De druppel lading, de derde fase, deze houdt de batterij volledig opgeladen.

Raadpleeg voor de exacte informatie over laadspaning en laadstroom altijd het specificatieblad van de betreffende accu. Het niet juist opladen van een accu en / of het opladen met een niet deugdelijke acculader kan onherstelbare schade aan de accu tot gevolg hebben.

 

Afhankelijk van de toepassing kan volgens verschillende modi geladen worden:

Continue voeding en buffer modus

Hierbij zijn de gebruikers, de DC-bron en de accu permanent parallel geschakeld. De laadspanning is gelijk aan de accu spanning en het systeem voltage. In de permanente batterij voedings modus is de DC-bron altijd in staat het maximale vermogen voor het systeem als voor het opladen van de batterij te leveren. De batterij levert alleen stroom aan het systeem als de DC-bron uitvalt. De laadspanning dient ingesteld te zijn op 2,3 V / cel bij een temperatuur van 20 tot 25°C (toelaatbare afwijking: 1%), gemeten aan de polen van de batterij. In de buffer stand is de DC-bron niet in staat de maximale verbruikers stroom te leveren. De verbruikersstroom is hierbij af en toe hoger dan de nominale stroom van de DC bron. Tijdens deze periode levert de batterij de benodigde extra stroom. De batterij is hierdoor niet continue volgeladen. De laadspanning dient gerelateerd aan de gebruiker worden ingesteld op 2,3-2,4 V/Cel. Voor een 12 Volt GEL accu is dat tussen de 13,8 en 14,4 volt en voor een AGM accu tussen de 13,8 en 14,9 volt. 

Omschakel modus

Tijdens het opladen wordt de accu losgekoppeld van de gebruiker. De maximale laadspanning van de AGM accu is 2,4 V/Cel (boost lading), en voor de GEL accu 2,38V/Cel (boost lading) als de accu cyclisch gebruikt wordt is de maximale laadspanning voor een AGM accu 2,49 V/Cel en voor een GEL accu 2,4. Het opladen moet worden gecontroleerd. Als bij deze constante laadspanning de laadstroom tot 0,5 A/100 Ah gedaald is, dan moet er overgeschakeld worden op druppelladen.

Druppel laad modus

De laadapparatuur dient zodanig ingesteld te worden dat de cel spanning ( 20 °C ) = 2,3 V/cel bedraagt (toelaatbare afwijking +/-1%). Als de accu temperatuur als gevolg van de omgevingstemperatuur continue hoger of lager ligt, dan dient de laadspanning aangepast te worden naar onderstaande waarden:

Laadspanning (> 25 °C) = 2,3 V/Cel - 0,003 V • ΔT (ΔT = Temperatuur verschil tot 25 °C)
Laadspanning (< 20 °C) = 2,3 V/Cel + 0,003 V • ΔT (ΔT = Temperatuur verschil tot 20 °C)

Voorbeeld: Temperatuur is meestal 15°C, Laadspanning = 2,3 V/Cel + 0,015V/Cel = 2,315 V/Cel. Temperatuur meestal 30 °C, Laadspanning = 2,3V/Cel - 0,015 V/Cel = 2,285 V/Cel.

Laadstroom

Bij de druppellaad modus zijn de laadstromen over het algemeen niet beperkt. Bij zware lading (boost) mag de 20-30 A per 100 Ah nominale capaciteit niet overschreden worden.

Wisselspanning en stroom

De AC-(wissel)spanning op de uitgang van de lader mag niet meer zijn dan 1,4 % van de DC-laadspanning (Bijv.: 55,2 VDC Laadspanning ≤ 0,77 VAC). De door de bovenliggende wisselspanning ontstane wisselstroom dient op 0,05 C begrenst te zijn (Bijv.: 100 Ah-accu ≤ 5 Ampere AC.

 

Na ontlading, ook gedeeltelijke ontlading, onmiddelijk weer laden!